Wat heb je nodig?
Voor één klassiek houten Wubbeloqtje heb je dit nodig. Een uitgebreide uitleg per onderdeel, met alternatieven, vind je op materialen en gereedschap.
| Materiaal | Gereedschap |
|---|---|
| Houten eitje van 6–7 cm (beuk of linde) | Boormachine met houtboren van 12 en 20 mm |
| Loodvrij gewicht (stalen kogel of ringetjes) | Bankschroef of lijmklem met zachte bekken |
| Twee houten kraaltjes van 5 mm | Fijn penseel |
| Houtlijm en een houten plug van 12 mm | Potlood |
| Schuurpapier korrel 120 en 240 | Klein zaagje of scherp mes |
| Speekselbestendige verf en bijenwas |
Veiligheid: draag een veiligheidsbril bij het boren, zet het eitje altijd vast in een klem en laat kinderen niet zelf boren.
Stappenplan: Wubbeloqtje maken in 9 stappen
Kies en markeer je eitje
Kies een eitje zonder barsten. Teken met potlood de onderkant aan: dat is het bolste deel. Markeer ook het midden van de voorkant, waar later het gezichtje komt.
Boor de wiegholte
Zet het eitje ondersteboven vast en boor een gat van 20 mm breed en ongeveer 2 cm diep. Dit wordt de ruimte voor het gewicht. Boor rustig en recht.
Plaats het gewicht
Leg het stalen gewicht in de holte en zet het vast met houtlijm. Hoe lager het gewicht, hoe beter het terugveren. Waarom dat zo is, lees je in hoe werkt een Wubbeloqtje.
Maak de qt-kamer
Boor boven het gewicht een kleiner gat van 12 mm en ongeveer 1,5 cm diep. Leg de twee kraaltjes erin en schud: ze moeten vrij kunnen rollen en tegen elkaar tikken.
Sluit de wieg af
Lijm de houten plug in het gat en laat minstens een uur drogen. Let op dat er geen lijm bij de kraaltjes komt, anders krijg je een Stille.
Schuur de wieg rond
Zaag of snij de plug gelijk en schuur de onderkant perfect rond, eerst met korrel 120, daarna met 240. Een vlak stukje maakt de wiebel stroef.
Test de wiebel
Zet het eitje op tafel en geef het een duwtje. Komt het terug rechtop? Top. Staat het scheef, schuur dan heel voorzichtig bij aan de zwaarste kant.
Schilder het gezichtje
Schilder twee stippen als ogen op ongeveer een derde van de hoogte. Geen mond! Wil je het hele figuurtje kleur geven? Gebruik kindveilige verf en haal inspiratie uit 7 ideeën om je Wubbeloqtje te beschilderen.
Afwerken en de Regel van Drie
Werk af met bijenwas of hardwasolie en laat alles goed uitharden. Dan de eindtest: één gewone duw, en je moet minstens drie tikjes horen. Gelukt? Dan heb je een echt Wubbeloqtje.
Veelgemaakte fouten
- Gewicht te hoog: het Wubbeloqtje wiebelt traag en ‘dronken’. Oplossing: dieper boren.
- Qt-kamer te krap: je hoort maar één tik. Oplossing: de kamer een paar millimeter ruimer boren.
- Lijm in de qt-kamer: de bolletjes zitten vast. Oplossing: helaas opnieuw beginnen.
- Dikke verf op de wieg: de wiebel wordt ongelijk. Oplossing: alleen olie of was op de bodem.
Varianten voor gevorderden
Zelf het eitje draaien
Heb je toegang tot een draaibank, dan kun je het buikje hol draaien voor een helderdere tik. Lees hoe je begint in houtdraaien voor beginners.
Een vilten Wubbeloqtje
Maak de kern zoals hierboven en vilt er daarna wol omheen. Zie naaldvilten voor beginners en vilten Wubbeloqtje.
Een mini of een Dubbelqtje
Voor een mini-Wubbeloqtje heb je een eitje van 3 cm en kraaltjes van 2 mm nodig. Voor een Dubbelqtje boor je twee qt-kamers boven elkaar, een echte uitdaging.
Trots op je Wubbeloqtje? Breng het mee naar Wubbeloqtjesdag en doe mee aan de verkiezing van het mooiste zelfgemaakte Wubbeloqtje.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het om een Wubbeloqtje te maken?
Reken op ongeveer twee uur werk, plus droogtijd voor lijm en verf. Wie het een eerste keer doet, spreidt het best over twee dagen.
Mag ik lood gebruiken als gewicht?
Liever niet. Lood is giftig, zeker in speelgoed. Gebruik staal of ijzer. Meer over veilige materialen op materialen voor een Wubbeloqtje.
Mijn Wubbeloqtje tikt maar één keer, wat nu?
De qt-kamer is waarschijnlijk te krap of het gewicht zit te hoog. Boor de kamer iets ruimer of voeg onderaan extra gewicht toe.
Kan ik met kinderen een Wubbeloqtje maken?
Ja, vanaf ongeveer acht jaar, onder begeleiding. Het boren doet een volwassene; schuren en schilderen kunnen kinderen perfect zelf.