Een tol is een speeltje dat rechtop op een punt blijft staan zolang het snel ronddraait. Je zet hem in beweging met je vingers, een touwtje of een zweepje. De draaiing houdt de tol in evenwicht; zodra hij vertraagt, gaat hij wiebelen en valt hij om.
Welke soorten tollen bestaan er?
Tollen bestaan in veel vormen en maten. Ze werken allemaal met hetzelfde idee, maar je zet ze op een andere manier in gang.
Draaitol
De bekendste soort. Bovenaan zit een steeltje dat je tussen duim en wijsvinger draait, onderaan een punt. Een draaitol is klein, stil en ideaal om mee te beginnen. De meeste houten tolletjes die je in een speelgoedwinkel ziet, zijn draaitollen.
Zweeptol
Een zweeptol heeft geen steeltje. Je geeft hem eerst een zet en houdt hem daarna draaiend door er met een kort zweepje met een touw tegen te slaan. Vroeger zag je dit spel vaak op straat en op speelplaatsen.
Priktol
Een priktol is peervormig met een metalen punt. Je windt er een touwtje rond en werpt hem met een ruk op de grond, zodat het touw afrolt en de tol hard gaat draaien. Het vraagt wat oefening. Moderne ‘vechttollen’ zoals je die van tekenfilms kent, werken met een vergelijkbaar idee: een lanceerder geeft de tol veel snelheid mee, waarna tollen in een arena tegen elkaar botsen.
Gyroscoop
Een gyroscoop is een zware, snel draaiende schijf in een raampje. Je trekt hem aan met een touwtje. Omdat de schijf zo stabiel draait, kun je de gyroscoop op een vinger of een gespannen draad laten balanceren. Het is een populair proefje in natuurkundelessen.
Tippe top
De tippe top is een bolletje met een kort steeltje. Zet je hem stevig aan het draaien op de bolle kant, dan gebeurt er iets vreemds: hij kantelt langzaam en draait zich om, tot hij op zijn steeltje verder tolt. Dat omkeren komt door de wrijving tussen de bol en de tafel. Het ziet eruit als goochelarij en fascineert zowel kinderen als volwassenen.
Hoe werkt een tol?
Een stilstaande tol valt meteen om: hij staat op een piepklein puntje en zijn zwaartepunt ligt hoog. Toch blijft een draaiende tol rechtop. Dat komt door het impulsmoment. Eenvoudig gezegd: iets dat snel ronddraait, wil in dezelfde richting blijven draaien. De as van de tol ‘verzet’ zich tegen kantelen.
Helemaal perfect is dat evenwicht nooit. De zwaartekracht probeert de tol altijd een beetje om te trekken. In plaats van om te vallen, gaat de as dan langzaam in een cirkeltje rond. Dat heet precessie. Je ziet het goed als een tol begint te vertragen: de top beschrijft kleine rondjes, die steeds groter worden, tot de tol uiteindelijk omvalt.
Enkele dingen helpen een tol langer te draaien:
- Gewicht aan de buitenrand: een brede, zware schijf draait stabieler dan een smalle.
- Een laag zwaartepunt: hoe dichter de schijf bij de punt zit, hoe minder de tol wiebelt.
- Een scherpe, gladde punt: minder wrijving betekent minder snelheidsverlies.
- Een gladde ondergrond: een tafel of een bord werkt beter dan een tapijt.
Het laag houden van het zwaartepunt is trouwens ook de basis van ander evenwichtsspeelgoed. Wil je daar meer over weten, lees dan de uitleg over zwaartepunt en evenwicht.
Een korte geschiedenis van de tol
Tollen horen bij de oudste speeltjes die we kennen. Archeologen hebben ze gevonden bij verschillende oude beschavingen, gemaakt van klei, steen, been of hout. Het idee is zo eenvoudig dat het op veel plaatsen in de wereld los van elkaar lijkt te zijn ontstaan.
In Europa waren tollen eeuwenlang gewoon straatspeelgoed. Kinderen maakten ze zelf of kochten ze voor weinig geld. Op oude schilderijen met spelende kinderen zie je vaak tollen en zweepjes. Later kwamen er metalen bromtollen met een pompstang en een zoemend geluid, en vandaag vind je naast houten tollen ook plastic vechttollen en precisietollen van metaal. De klassieke houten draaitol is nooit verdwenen.
Leuke spelletjes met tollen
- Wie tolt het langst? Iedereen zet tegelijk zijn tol in gang. Wiens tol het laatst omvalt, wint.
- Tollen in de cirkel: teken een cirkel op papier of met krijt. Je tol moet zo lang mogelijk binnen de cirkel blijven.
- Tolbowling: zet enkele lichte blokjes recht en laat je tol ertussen dwarrelen. Hoeveel vallen er om?
- Kleurentol: kleur een papieren schijfje in vakjes en steek het op een tol. Door het draaien lijken de kleuren te mengen.
- Omkeerwedstrijd: wie krijgt de tippe top het vaakst omgekeerd?
Laat kinderen een tol eerst op een dienblad draaien. De opstaande rand houdt de tol binnen en de gladde ondergrond laat hem lang doordraaien.
Zelf een tol maken
Een tol is een ideaal eerste project voor wie met hout wil beginnen. De eenvoudigste versie maak je met een houten schijfje met een gaatje in het midden en een rond stokje dat je er strak door steekt. Slijp de onderkant van het stokje rond, niet te scherp, en test of de tol recht draait. Staat de schijf scheef of zit het gaatje niet in het midden, dan wiebelt hij meteen.
Wie een draaibank heeft, kan een tol uit één stuk hout draaien. Dat is een klassieke oefening in houtdraaien voor beginners, omdat je leert werken met een kleine, ronde vorm. Meer eenvoudige projecten, van blokken tot een knikkerbaan, vind je in onze gids houten speelgoed zelf maken. Werk je tol af met verf of olie die geschikt is voor speelgoed, zoals uitgelegd bij kindveilige verf.
Tol en Wubbeloqtje: twee manieren om recht te blijven
Een tol en een Wubbeloqtje lijken elkaars tegenpolen. De tol blijft alleen staan zolang hij beweegt. Het Wubbeloqtje, het eivormige wiebelfiguurtje van Wiebelhout, komt juist terug rechtop wanneer het tot rust komt, dankzij zijn verzwaarde voet. Samen tonen ze mooi de twee grote principes van evenwichtsspeelgoed. Andere voorbeelden vind je in het overzicht van wiebelspeelgoed en bij balansspeelgoed.
Zin om zelf aan de slag te gaan? Begin met een eenvoudige draaitol en ontdek daarna de andere projecten in houten speelgoed zelf maken.
Veelgestelde vragen
Waarom valt een draaiende tol niet om?
Een draaiende tol heeft impulsmoment: de draaiing wil in dezelfde richting blijven. Daardoor blijft de as ongeveer rechtop staan zolang de tol snel genoeg draait. Pas als de tol vertraagt door wrijving, begint hij te wiebelen en valt hij om. Meer over evenwicht lees je bij zwaartepunt uitgelegd.
Wat is het verschil tussen een tol en een tuimelaar?
Een tol blijft rechtop zolang hij draait. Een tuimelaar blijft rechtop door een laag zwaartepunt, ook als hij stilstaat. Het zijn dus twee heel verschillende principes. Lees meer over de tuimelaar.
Vanaf welke leeftijd kan een kind met een tol spelen?
Een grote draaitol met een knop bovenaan lukt vaak al bij jonge kinderen, met wat hulp. Zweeptollen en priktollen met een touwtje vragen meer handigheid en zijn eerder iets voor wat oudere kinderen. Let bij kleine tolletjes altijd op het leeftijdslabel, zie veilig speelgoed.
Kan ik zelf een tol maken zonder draaibank?
Ja. Met een houten schijfje en een rond stokje of een kraal maak je in korte tijd een eenvoudige draaitol. Je vindt die en andere ideeën bij houten speelgoed zelf maken.